#ouderzonden 1 : ijdelheid

      13 Reacties op #ouderzonden 1 : ijdelheid

Wat maakt van mij een goede ouder?


Dat is de vraag die hoort bij de eerste opdracht van de #ouderzonden die Romina van Big City Life en Annelore van Compleet geluk samen bekokstoofd hebben.

Er ging wat denkwerk vooraf aan het beantwoorden van deze vraag. En ook wat prospectie bij mijn crew. Want ik kan best wat positieve punten opnoemen, maar de negatieve zijn er natuurlijk ook en mijn eerder bescheiden inborst staat altijd klaar met een goedbedoelde “ja maar …”.

Marie was nog niet veel van zeg toen ik het haar vroeg en antwoordde met “Mama” en wat gebrabbel. Wie weet wat ze echt wou zeggen … Toen ik aan F. vroeg wat volgens hem mijn beste eigenschap is als mama, zei hij dat ik heel zorgzaam ben. Emil vindt dat ik goed met de auto kan rijden, of zoals hij me vorige week nog zei “Mama, jij mag nog niet doodgaan, want je moet me nog naar school brengen.” Het is maar dat ik het weet.

Nadenken over je opvoeding en jezelf af en toe in twijfel trekken is al het halve werk, dat las ik eens ergens en dat heb ik ook onthouden. Dus ik denk wel eens na of ik wel goed bezig ben en al zijn er zeker werkpuntjes, al bij al vind ik mezelf een goede mama en wel hierom (om een paar dingen te noemen):

  • Ik wil mijn kinderen behandelen zoals ik zelf behandeld wil worden, met respect en begrip. Er moeten natuurlijk wat regels zijn, maar ik probeer die te beperken. Niet alleen omdat ‘choose your battles‘ mijn favoriete leuze is sinds ik mama ben en het vaak gewoon niet de moeite is om ruzie te gaan maken over luttele dingen. Maar ook omdat er nu eenmaal ruimte moet zijn voor mijn kinderen om zelf fouten te maken of om creatief te zijn. Als ik bv. vraag aan Emil of hij mee wil komen opruimen en hij zegt “ik ga eerst mijn banaan opeten”, dan laat ik hem eerst zijn banaan opeten (of laat ik hem iets anders afmaken waar hij mee bezig is), want ik word zelf ook niet graag opgejaagd. Als ik een fout heb gemaakt, zal ik me tegenover hem ook excuseren en ik merk dat hij dat tegenwoordig ook al spontaan begint te doen als hij iets fout doet. Pas op, dat wil niet zeggen dat ik ten allen tijde een begripvolle mama ben. Ik ben ook vaak moe en wel eens slechtgezind en dan gaat me dat minder goed af. Zei ik al dat ik als mama nog wat werkpuntjes had? Niemand is altijd de beste versie van zichzelf. Ik niet, F. niet en onze kinderen al zeker niet. Dat probeer ik in mijn achterhoofd te houden bij de zoveelste driftbui.
  • Wat mij, hoop ik, een leuke mama maakt, is dat ik Emil en Marie vaak verras met kleinigheidjes. Ik ben sowieso al een impulskoper, dus als ik iets zie liggen waarvan ik denk dat ze het leuk zullen vinden, heb ik het al in mijn handen voordat ik erover kan nadenken. Zo geef ik al eens een leuk boek, een nieuwe kleurboek of een speelgoedje. Gewoon zomaar. En soms zelfs chocolade, want daar kan ik goed mee scoren.
  • Ik wil hen leuke herinneringen geven om later op terug te kijken. Dus neem ik hen graag mee op uitstap. Niets geeft me zoveel voldoening als zien hoe mijn kinderen genieten van wat nieuwe impulsen. Uitstapjes verlopen ook niet altijd even vlotjes en vaak is er ook wat drama mee gemoeid, maar soms heb je ook van die perfecte dagen waarop iedereen er goesting in heeft. Dat zijn van die dagen waarop ik de zin van het/mijn leven duidelijk zie.
  • Algemeen genomen ben ik degene die de touwtjes in handen heeft als het op de organisatie van het huishouden aankomt en al loopt het soms mis (hoe kan het ook anders), ik ben daar toch behoorlijk goed in. Ik mag dat zeggen nu, want het is de opdracht. Een weekmenu maken, opvang regelen tijdens de vakanties, stakingsdagen of pedagogische studiedagen, zien dat de juiste knutselspullen voor school op de juiste dag in de rugzak van de zoon terecht komen, de spullen bij elkaar zoeken als ze ergens gaan logeren, ervoor zorgen dat iedereen op tijd voldoende propere kleren heeft. Het valt op mijn schouders en het valt daar als op een satijnen kussentje (too much?).

Mijn kinderen komen op de eerste plaats en ik verwacht ook van F. dat ze voor hem op de eerste plaats komen (wat, denk ik, wel zo is). Ik wil vooral dat ze opgroeien tot mooie mensen (mooi vanbinnen, maar dat had je wellicht wel door). Ik zou alles voor ze opgeven en met plezier. Ze mogen alles van me hebben, want ze zijn het waard. En al wordt het soms ook wel eens te veel en kan ik er intens van genieten als ze eens ergens gaan logeren, mijn leven zou echt niet compleet zijn en ook wel heel erg saai, zo zonder hen. Ergens denk ik dat die onvoorwaardelijke liefde van mij sowieso al de beste mama voor hen maakt.


Wil je meer lezen over #ouderzonden? Kijk dan zeker ook eens bij de andere deelnemers!

Copycat

      5 Reacties op Copycat

Het is zover, we zitten met een copycat in huis. Marie is intussen bijna 20 maanden oud en helemaal verslingerd aan haar broer. Alles wat hij doet, doet ze ook. Hij is aan het kleuren, zij moet ook een potloodje hebben. Hij rent door het huis, zij rent hem achterna. Hij gilt, zij volgt 5 seconden later met een minigilletje (oefen daar vooral NIET op zou ik zeggen …). Hij kruipt als een hondje over de grond, zij mee op handen en voeten. Hij kijkt tv, zij gaat gezellig naast hem zitten en trekt, bij gelegenheid, zelfs een dekentje over hen heen. En altijd maar kijken naar hem. ‘Wat doet hij nu? Waar gaat hij naartoe?’. Het zorgt soms ook wel voor gevaarlijke situaties, want Emil kan natuurlijk al meer dan zij en zijn favoriete kattenkwaad is lopen en springen in de zetel. Voer voor menig bijna-hartstilstand.

Haar broer laat hem de aandacht goed gevallen en praat tegen haar met een hoog stemmetje. “Marieke, kom eens hier!”, roept hij dan en zij staat meteen aan zijn zijde. Ik denk dat hij nu eindelijk het potentiële plezier van het hebben van een zus begint in te zien. Tot voor kort was die zus voornamelijk een obstakel in zijn vlucht door het huis, dat altijd afpakte wat van hem was. Hoewel het afpakken weliswaar langs beide kanten een constante blijft, begrijpt die zus nu veel meer en al heeft ze nog niet de woorden om alles te benoemen (buiten wat dierengeluiden en basiscommando’s komt er nog niet veel uit) vormt ze al wel een goede bondgenoot.

Ik zal niet beweren dat Emil als grote broer het ideale rolmodel is (hij weet zijn van nature rustige zus nogal op te jutten) , dus wij kijken ernaar en kunnen alleen maar denken “Als dat maar goed komt…”. Maar dan zie ik ze daar samen zitten, of hand in hand lopen en dan zwelt er vanbinnen iets op. Ik denk dat het mijn hart is.

België voor kinderen en hun baasjes

      2 Reacties op België voor kinderen en hun baasjes

Dat ons eigen land veel leuke plekjes heeft om te ontdekken moet je ons niet meer vertellen. Wie hier in 2017 kwam meelezen heeft al wel door dat wij fervente dagtrippers in eigen land zijn. Ik merk dat mijn verslagen van onze uitstapjes hier stilletjesaan mijn blog aan het overnemen zijn, en dan moet je weten dat ik hier nog niet eens over ál onze uitstapjes kom vertellen. Zoals ik al eens zei worden wij hier vaak het huis uit gedwongen door kinderen die zich doldraaien binnen en nood hebben aan frisse lucht. Gelukkig waren F. en ik al van in onze kinderloze dagen gebeten door het dagtrippersvirus en genieten wij even hard van onze uitstapjes als onze kinderen.

Wij staan altijd op de uitkijk voor leuke dingen om te doen met onze kinderen. Toen ik dus eerder deze maand ontdekte dat de Dingenzoekers (wiens blog ik af en toe las) ook een boek hebben uitgebracht met dingen om te doen in België, aarzelde ik geen moment en deed het mezelf cadeau.

Journaliste Kristien en fotografe Greetje trommelden gedurende drie jaar hun respectievelijke kinderen op en deden beroep op wat ouderwetse kinderarbeid om heel België uit te pluizen op zoek naar kindvriendelijke plekken. Musea, restaurants, slaapplekken, het komt allemaal aan bod in het boek.

Per provincie zijn er twee uitgebreide verslagen van dingen om te doen, twee restaurants en een plaats om te overnachten, voorzien van gezellige foto’s waardoor je bijna onmiddellijk zelf in je auto wil springen. Er worden ook nog ideetjes gegeven voor activiteiten binnen (dat is nodig nu in tijden waarin het schijnbaar áltijd regent) en nog extra tips voor buiten. Als je dat graag wat uitgebreider wil lezen, ga dan gerust naar de blog, geef daar een zoekterm in en je vindt er wellicht een hele uiteenzetting van.

In het boek staan dingen die we al deden, zoals Train World of provinciedomein de Averegten, maar dat is niet erg. Zien dat deze leuke activiteiten in het boek staan geeft al wat garantie dat de dingen die we nog niet deden ook zeker de moeite zullen zijn.

Emil en Marie zijn nog klein dus kunnen we zeker nog niet alles in het boek meteen gaan uitproberen. We zijn nog te afhankelijk van middagdutjes en buggy’s en voor de meer educatievere uitstapjes moeten ze nu eenmaal nog wat essentiële groeifases doorlopen. Maar er zijn zeker genoeg dingen die we al wél kunnen doen en het doet ons al uitkijken naar het moment dat ze groter zijn en we hun hoofdjes kunnen vullen met informatie die ze hopelijk interessant zullen vinden (dat valt nog af te wachten …)

Stonden al op ons zeker-te-doen-lijstje en haalden ook dit boek:

Kenden we nog niet en hebben we nu veel goesting in:

De Liereman

Op de eerste (en enige) zonnige zondag van januari, die dag waarop bleek dat de zon nog bestond, trommelde ik mijn mama en mijn kinderen op en gingen we op aanraden van de Dingenzoekers op pad naar De Liereman in Oud-Turnhout. We maakten er kennis met de Cosmogolem van Koen Van Mechelen en deden hem de groetjes van zijn broer die we al eens in Kruibeke waren tegengekomen.

In het domein zijn verschillende wandelingen van variërende lengtes uitgestippeld, dus wij kozen voor de rode wandeling van 4 km. Die we halverwege jammer genoeg moesten afbreken wegens te veel modder. Daar waren we niet op voorzien met een buggy, een kleuter die per se zijn loopfiets wou meenemen en zonder stevige wandelschoenen. Laat de buggy dus best thuis en doe zeker je wandelschoenen of rubberen laarzen aan als je je niet als een verloren stadsmens wil voelen.

Dan maar iets gaan drinken in het gezellige bezoekerscentrum! Omdat ik zelf geen bier lust, was ik blij dat mijn mama mee was, want dan kon ik een foto nemen van haar Gageleer, het bier dat gebrouwen wordt met gagel uit het natuurgebied. Ze zei dat het lekker was. Een halve wandeling en een biertje, meer moet dat soms niet zijn. volgende keer verkennen we nog het speelbos en doen we wél onze wandelschoenen aan.


Welke tips kan jij geven voor een  leuk uitstapje met of zonder kinderen in ons land?


Het boek “België voor kinderen en hun baasjes” werd uitgegeven bij uitgeverij Luster en kost een luttele 19,95 euro (en nee, dit is geen gesponsorde blogpost).

 

Follow my blog with Bloglovin

2017, het jaar van de uitstapjes

      Geen reacties op 2017, het jaar van de uitstapjes

Al bij al was 2017 een relatief rustig jaar. Geen grote veranderingen, maar wel veel kleine momenten, uitstapjes en pogingen om rust te vinden in een leven met twee kinderen.

Het jaar werd alvast goed ingezet met een gemoedelijke Oudejaarsavond met vrienden en gourmet in de Ardennen. Op 1 januari wakker worden met dit en het jaar kon eigenlijk al niet meer stuk.

2017 was het jaar waarin Marie leerde lopen …

… en transformeerde van deze baby in deze peuter.

Vooral in het voorjaar gingen F. of ik vaak alleen weg met Emil om Marie thuis wat rust te gunnen. Want 2017 was ook het jaar waarin ik aanvaardde dat onze zoon nu eenmaal vaak erg hevig kan zijn en dat ik dat niet altijd op zijn leeftijd of de vermoeidheid moet steken. Zijn enthousiasme hoort bij hem en is evenzeer een deel van hem als die andere, zachte kant die hij gelukkig ook nog heeft. Dus ging ik wel eens met hem zwemmen en daarna spaghetti eten of installeerde F. hem in het fietsstoeltje om te gaan fietsen in Kruibeke.

In mei was er het allereerste schooloptreden van Emil en stond ik met tranen in de ogen en een glimlach op mijn gezicht te kijken naar mijn dansende discozoon.

In de zomer gingen we op vakantie naar Zweden en Denemarken. Dat was vermoeiend, maar zoals verwacht zijn alle moeilijke momenten alweer vergeten en denken we nu alleen nog maar “Amaai, dat was een leuke vakantie!”.

Ik documenteerde alles mooi op mijn blog en ga dat af en toe eens terug lezen als ik in vakantiestemming wil geraken:

Onze kinderen (en wij) zijn graag buiten, dus maakten we in 2017 veel mooie wandelingen.

Onder andere, in het provinciedomein Het Vinne in Zoutleeuw.

 

Doorheen de landloperskolonie in Wortel.

In het bos van Oud-Heverlee.

Rond het kasteel in Alden Biesen.

In het Mastenbos in Kapellen.

Of de Roomackerroute in Tielrode. Om er maar een paar te noemen.

We picknickten ook een keertje in het park van Brasschaat. Dat park is zo’n beetje een tweede thuis voor ons omdat F.’s ouderlijk huis er niet zo ver vanaf ligt en we er vroeger zowat elke week kwamen in de tijd dat we nog niet samenwoonden. Het is ook een park dat alles heeft: een leuke speeltuin, een bossig stuk, open weiden, veel en goede horeca in de buurt… Goede voornemen voor 2018: vaker gaan picknicken.

2017 was ook het jaar waarin ik eindelijk terug wat meer boeken kon lezen!

Naast de vele kleine uitstapjes en korte wandelingen in onze buurt, trokken we soms ook wat verder in onze zoektocht naar innerlijke vrede.

Zo gingen we naar de kasteelfeesten in Horst.

En zagen we, in tegenstelling tot vorig jaar toen de weersomstandigheden niet gunstig genoeg waren, de ballonnen opstijgen in Sint-Niklaas. En miste Emil alles omdat hij in slaap viel.

Voor mijn verjaardag in april plande F. een verrassingsweekend met een overnachting in het Radisson Blu Hotel in Spa, omdat ik al lang eens in peignoir de lift naar het zwembad wou nemen én een overnachting en bijhorende wandeling in de prachtige Voerstreek.

In het najaar logeerden we in een trein.

We gingen naar Bokrijk.

En ook naar het domein van Han-sur-Lesse.

Voor Emils verjaardag trakteerden we hem op een koude Eftelingdag waarop ik een hele dag handschoenen droeg en bijgevolg weinig foto’s nam.

We leerden dit jaar ook dat, wat Emil betreft, ijsjes altijd een lifesaver zijn! Altijd.

En last but not least, mocht ik voor de derde keer meter worden, van mijn neefje Mats.

Er waren ook nog veel bezoekjes aan de Zoo (ecocheques well spent), redelijk wat heerlijk kinderloze tijd met de man van mijn leven en uitstapjes met mijn mama, met of zonder de kindjes (wat eigenlijk altijd resulteerde in goed eten en goed drinken).

In 2018 dus meer van dat en liefst ook een paar gezellige binnenzitdagen. Rustig binnen blijven, werkpuntje voor onze onrustige kroost in het nieuwe jaar.

En aan al wie hier kwam lezen in 2017, een hart vol dankbaarheid en drie zelf te kiezen wensen voor 2018!

Koukleumen in de Winterefteling

      Geen reacties op Koukleumen in de Winterefteling

Afgelopen zondag werd Emil vier jaar. Dat moest gevierd worden, vonden wij. Naast het jaarlijkse familiefeestje en ons grote cadeau (een loopfiets) wilden we hem ook nog trakteren op een dagje Efteling. Het is te zeggen, ik wilde eigenlijk al lang eens naar de Efteling en toen ik zag dat kinderen tot en met drie jaar gratis toegang hebben, was het gewoonweg het moment.

We lieten Marie logeren bij moeke, want met haar 18 maanden zou ze de Efteling best leuk vinden, maar dan zaten we weer vast aan een buggy en dutjes die dan werden overgeslagen. Nee, daar hadden we geen zin in. Bovendien had Emil ook wel eens recht op een dagje exclusieve aandacht van mama en papa, voor zover hij die anders al niet opeist (ahum). Als Marie bijna vier is, mag zij ook eens met ons mee. Eerlijk is eerlijk.

 

Om wachttijden aan de attracties te vermijden, lieten we Emil een dagje school skippen en gingen op een vrijdag. Wat eigenlijk ideaal is, want we moesten nergens aanschuiven. Zelfs niet aan de nieuwe Symbolica-attractie, waar de wachttijd in het weekend wel eens kan oplopen tot meer dan een uur (wist de Efteling-app mij te vertellen toen ik al wat prospectie deed op voorhand). Hoe mooi is Symbolica trouwens ook niet? Ik kwam echt ogen tekort om alles te bekijken terwijl de karretjes tussen elkaar door zoefden. Hadden we niet gewacht tot bijna sluitingstijd om erin te gaan, was ik zeker nog een paar keer geweest. Je kan je rit namelijk drie keer op een andere manier doen, omdat je moet kiezen voor de muziek-, de helden- of de schattentour. Wij deden de schattentour en daarom wou Emil perse een blauwe diamant uit het economisch goed opgestelde winkeltje (bij het uitstappen). Die diamant moet nu ook mee in bed.

.

Ik had Emil op voorhand wat warm gemaakt door, telkens als de Eftelingsprookjes passeerden op Ketnet, enthousiast te roepen “Kijk, daar gaan we binnenkort naartoe”, waardoor hij het altijd maar had over die pratende boom. Eerste stop dus: de pratende boom. Toen we toekwamen begon het smeltende sneeuw te regenen, dus toen we uiteindelijk bij de boom kwam, waren we een beetje doorweekt en had Emil, de koukleum, al een paar keer huilend geroepen “Ik wil naar huis!”. De pratende boom, die zijn tijd nam om een verhaal te vertellen en dus duidelijk geen last had van de koude, werd dus in sneltempo bekeken (net als de rest van het sprookjesbos trouwens).

 

 

Ergens naar binnen dus, waar Emil zijn handen rond zijn curryworst vouwde om zijn vingers op te warmen (true story). Dat moet geholpen worden, want daarna werd hij weer zijn vrolijke zelf en konden we de rest van het park ontdekken. De ijsbaan van de Winterefteling bijvoorbeeld, waar Emil een paar keer in een band naar beneden kon glijden, of het supermooie Land van Laaf. De show van Ravelijn stond ook absoluut op ons programma wegens ‘ridders’ en ‘vuurspuwende draak’ en was een schot in de roos bij Emil. Wat me opviel in de Efteling is hoeveel aandacht ze besteden aan de muziek bij de attracties, want die is echt prachtig. Wel opgelet voor oorwurmen!

 

Ik had gedacht dat een dag wel ruim voldoende was om het ganse park te ontdekken. Maar dat was toch een foute inschatting. We moesten nergens aanschuiven (ik glipte zelfs eens alleen in de achtbaan Vogelrok waar ik meteen kon instappen), en toch hebben we niet alle attracties kunnen doen die we wilden. Niet zo erg uiteindelijk, dat geeft ons alleen maar des te meer redenen om nog eens terug te gaan. Als Marie bijna vier wordt bijvoorbeeld. Of misschien toch al wat eerder …

 

 

Het domein van Han-sur-Lesse

      2 Reacties op Het domein van Han-sur-Lesse

Toen we in de trein logeerden (iets dat in mijn herinnering alweer véél te lang geleden lijkt), hadden we het wilde plan in ons hoofd gestoken om eens naar het wildpark van Han-sur-Lesse te gaan. En terwijl we daar dan toch waren, waarom dan ineens niet ook eens naar de grotten? Awel ja. We waren deze herfst nog niet in de Ardennen geweest en dat is jaarlijks bijna een verplicht gebeuren. De ambtenaar in huis (niet ik) kreeg een mooie korting van de overheid als we de tickets op voorhand kochten en de kindjes waren zelfs gratis. Dat Han-sur-Lesse op een uur rijden lag van de trein was te verwaarlozen. Marie zou haar middagdutje toch gewoon onderweg in de auto kunnen doen. Wij pakten dus wat fruit en koeken bij elkaar en vertrokken.

Alleen deden we er door wegenwerken langer over dan verwacht en waren we vergeten dat Marie nooit slaapt in de auto, tenzij ze echt héél (maar dan ook héél) moe is. Dat was ze blijkbaar niet. Terwijl we onze best deden om te voorkomen dat Emil zou slapen (want die wordt altijd chagrijnig wakker na een autodut), bleef juffrouw Marie al tutterend naar buiten staren. Marie is eigenlijk altijd heel gemakkelijk in de omgang en heeft nooit last van driftbuien wegens vermoeidheid, maar tijdens onze week in de trein broedde er kennelijk iets. We voelden de bui al hangen en nadat we eerst een angstige blik naar elkaar hadden geworpen die zei “Amaai, dat gaat hier niet goed komen vandaag!” besloten we toch om in de safarikar te springen die ons doorheen het wildpark zou rijden. Emil vond het allemaal nogal spannend en wreef op een bepaald moment zelfs in zijn handjes van contentement.

 

Het wildpark was dan ook prachtig. Maar echt. Ik wist helemaal niet dat het daar zo mooi was. Ok, de herfst en de zon hielpen wel een handje, maar het was echt fijn om met die kar doorheen het bos, over de berg en langsheen de open weiden te rijden. Het enige wat nog ontbrak waren een paar Brachiosaurussen en wat muziek van John Williams. Gelukkig waren er genoeg herten, everzwijnen, wolven en beren te bekijken. Er werd ook uitleg gegeven, maar dat hoorden we niet allemaal (en samen met ons de rest van onze wagon) want Marie was moe, wriemelde zich los op onze schoot en zette haar keel open. Sorry medepassagiers, soms vragen wij gewoon wat te veel van onze kindjes. Tegen het midden van de tocht werd Emil het ook wat beu (aan die aandachtspanne moeten we toch echt wat werken) en waren wij blij dat we koekjes hadden meegenomen waardoor die beide monden toch even gevuld waren.

Je zou denken dat we er na die prachtige, maar licht enerverende trip genoeg van hadden, maar we waren daar nu toch en het was nog zo vroeg. Nee, we gingen ook nog naar de grotten. We hadden de draagzak bij, dus Marie kon daarin een dutje doen. Wij sprongen dus andermaal, op een treintje deze keer, dat je tot bij de ingang van de grotten brengt. Niet lang nadat we de grotten binnengingen, gaf Marie eindelijk toe aan de vermoeidheid en deed een dutje dicht bij papa. Rust! En wederom veel ooh’s en aah’s, want ook de befaamde grotten van Han bleken de moeite te zijn. Emil hield mooi mijn hand vast gedurende de hele wandeling, al moest ik hem er nogal vaak aan herinneren om ook eens naar boven te kijken, want meneer was de hele tijd zijn voeten aan het bewonderen. Omdat het Halloween was, zagen we hier en daar ook een zombie en moest ik Emil geruststellen dat die mevrouw die zo hard aan het gillen was ons heus niet zou opeten (alleen ’s avonds wel een theetje zou moeten drinken tegen haar zere keel …). Tegen het einde werd Marie wakker en liet (alweer) van zich horen, en in een grot weergalmt dat allemaal zo goed. Opnieuw, sorry mensen!

 

 

 

We kwamen pas laat terug aan bij de trein, in het donker, met twee vermoeide kinderen en een paar pizza’s die we onderweg nog in de buurt van de trein hadden gevonden en beseften dat ons dagprogramma toch net wat te hoog gegrepen was geweest.
Was het plezant? Toch wel.
Was het de moeite? Absoluut.
Gaan we nog eens terug? Zeker en vast, en dan gaan we te voet door het wildpark zodat we nog wat meer en langer van al dat natuurschoon kunnen genieten.

Soms moet je ook gewoon kiezen voor de ambitieuze weg, zelfs al is die wat hobbelig, want dat vergeet je later toch. Dan kijk je naar je foto’s en denk je “Goh, dat was plezant toen hè”. Het is daarvoor dat we het doen.

Logeren in een trein

      5 Reacties op Logeren in een trein

De man des huizes was vroeger fan van Vlaanderen Vakantieland. Getuige daarvan enkele oude opnames die tot op vandaag nog stof staan te vergaren in de tv-theek van onze digibox. Afgelopen zomer bekeken we zo’n oude opname en toen stond Saartje op het perron van Station Racour te vertellen over twee treinstellen waar je in kon logeren. “Oh, leuk!”, zeiden we toen tegen elkaar. Een week later keken we naar Met Vier in Bed en zagen we diezelfde treinstellen passeren. We besloten dat het een teken van bovenaf was en boekten diezelfde avond nog enkele overnachtingen voor tijdens de herfstvakantie.

Afgelopen week was het dus zover en sliepen we drie nachten in een omgebouwde treinwagon. Wat de sympathieke eigenaars Jo en Hilde hier hebben verwezenlijkt, is absoluut de moeite. In de trein kan je een fotoboek vinden van het traject (ha!) dat Jo en Hilde hebben afgelegd om de wagons in hun tuin te krijgen, hoe ze werden gestript, geschilderd en weer werden opgebouwd. Zo’n wagon is ruimer dan je denkt, want er zijn twee grote slaapkamers (waarvan eentje met 4 bedden voor als je veel kinderen wil meenemen) met elk een eigen badkamertje. Er is een ruime keuken, uitgerust met vaatwasmachine en combi-oven en je hoeft zelfs niet je eigen afwasmiddel en keukenhanddoeken mee te brengen (klein huisvrouwengeluk). Maar het gezelligste plekje was veruit de eetkamer, waar je jezelf kon neervleien op een treinbank en wat naar buiten kon staren. Ik heb er ook kunnen lezen, voor de volle tien minuten!

Het kan niet anders dan dat je hier een leuke tijd beleeft, want je bevindt je in een prachtige omgeving, in een gigantische tuin, met een hoogstpersoonlijke bolderkar om te gebruiken (en om kinderen in te parkeren), je kan vrij gebruik maken van fietsen (waaronder een tandem) en steps of anders kan je wel de tijd verdoen met je te verkleden als treinconducteur en het bekijken van alle treindetails in het interieur van je wagon.

 

De kinderen waren behoorlijk enthousiast, dus werd de step vaak uit het fietskot gehaald zodat Emil zijn overbodige energie buiten kwijt kon. Marie bevindt zich nu op die gezellige leeftijd van bijna anderhalf waarop ze alles zelf wil doen en een eigen willetje begint te ontwikkelen. Zelf willen stappen maar dan toch de andere kant opgaan, vaak vallen, al veel begrijpen maar er nog geen woorden voor hebben en bijgevolg vaak wenen. Emil en Marie trekken ook meer naar elkaar toe, wat soms mooie foto’s en een paar “oooh’s” van onze kant oplevert, maar het ontaardt vaak altijd in gekibbel en getrek, waardoor we zowat om de vijf minuten moeten tussenkomen. Maar het kon de pret niet voldoende drukken. Wij gaan zeker nog eens terug als er toch minstens één van onze kinderen kan fietsen, zodat we de streek nog wat meer kunnen gaan verkennen.

Emil vroeg wel de hele tijd wanneer de trein nu ging vertrekken. Het concept was hem toch nog niet geheel duidelijk. Reizen met de trein is in ieder geval nog nooit zo comfortabel en gezellig geweest als de afgelopen dagen!

Met het Bosboek naar het bos

      4 Reacties op Met het Bosboek naar het bos

Een tijdje geleden gingen we wandelen in het Heverleebos in Oud-Heverlee. Ik postte daarna een foto op Instagram van een kleine Emil en een imposante boomstam bezaaid met paddestoelen.

“Elfenbankjes in het bos”, schreef ik erbij, want het was zo’n feeëriek en magisch gebeuren hoe die boom daar stond te blinken in het zonlicht dat er wel elfjes mee gemoeid moesten zijn. Een tijdje later kreeg ik een vriendelijke opmerking van boswachter Marc dat het geen elfenbankjes waren, maar tonderzwammen. Elfenbankjes zijn namelijk veel kleiner. Oeps…

Rond dezelfde tijd kreeg ik lucht van het bestaan van het Bosboek, geschreven door Sarah Devos (wiens vorige blog ‘Sarah zegt hallo’ zowat de eerste blog was die ik ooit volgde en las, maar die daar enkele jaren geleden – tot mijn grote spijt toen – mee gestopt was). Sarah heeft nu een nieuwe blog: Zondagbosdag. En schreef dus een boek over het bos. Omdat ze een gemis voelde in het bestaande bosboekenaanbod. Lees: ofwel te specialistisch ofwel te saai. Dus schreef ze wat ze zelf wou lezen en maakte er ineens dan ook maar zelf de tekeningen bij.

De sympathie die ik al had voor Sarah, mijn eigen liefde voor het bos en de opmerking van boswachter Marc waaruit bleek dat ik er eigenlijk totaal niets van kende, dreven me allemaal in slechts één richting: ik moet dat boek hebben!

Dus kocht ik het boek, las wat over de vorm van boombladeren, leerde over de dieren die je wel eens in het bos zou kunnen tegenkomen, werd enthousiast van de pootafdrukken (waarvan ik leerde dat ze ‘prenten’ worden genoemd) waarmee je op sporenonderzoek kon gaan. Ik ontdekte dat je een koolmees kunt herkennen aan zijn zwarte ‘das’ op zijn buikje. Tot nu toe was elke boom in het bos gewoon een boom, elke vogel een vogel en elke pootafdruk zal wel van een hond zijn geweest. Maar niet langer meer. Gewapend met het Bosboek onderscheid ik nu het blad van de beukenboom van dat van een berk, ken ik het verschil tussen een Amerikaanse eik en een zomereik en weet ik dat het de esdoorn is die daar zo mooi staat te verkleuren.

Aan het vogelspotten ben ik nog niet geraakt. Ik vermoed dat ik daarvoor beter mijn luidruchtige kleuter die niet kan stilzitten thuislaat. Ik zal er dus eens op mijn eentje op moeten uittrekken, zoals Sarah voorstelt, om de vogels allemaal eens op mijn gemak te kunnen bekijken.

Wie graag door het bos wandelt en/of indruk wil maken op zijn kinderen (of wederhelft) door hen te overladen met leuke bosweetjes, zet dit boek best al op het kerstlijstje. Sarah geeft trouwens ook wat tips voor als diezelfde kinderen niet altijd meewillen in het bosverhaal (die van mij voorlopig gelukkig nog wel) en biedt wat inspiratie in haar bossendoortjes (de ‘dauwtrip‘ komt alvast op mijn to-do-lijstje).

Meer weten over het Bosboek? Ga dan zeker hier ook lezen en doe ze daar de groetjes.

Weglopers en beenplakkers

      2 Reacties op Weglopers en beenplakkers

Wij hebben twee heel verschillende kindjes. Meestal gaat dat zo, dus ook bij ons.

Marie is een beenplakker en hangt bijgevolg dus vaak aan mijn been. Soms doet ze dat om bescherming te zoeken tegen haar broer wanneer die wild om haar heen zit te springen, maar meestal wil ze gewoon alleen maar dichtbij mij zijn. In haar 16 maanden oude leventje voert mama zonder twijfel de boventoon. Ik geniet daar wel van moet ik zeggen. Maar het is ook niet altijd handig als je terwijl het eten moet maken, de was wil plooien of wat wil opruimen. Want zo’n baby aan je been, dat stapt niet zo gemakkelijk. Als ik haar op de grond zet in een ruimte met andere mensen, heb ik steevast een baby aan mijn been, want een beetje verlegen en onzeker, dus is mama de houvast. Maar zelfs als ze wat gewend is en op verkenning gaat, gebeurt alles wat ze doet op een rustige manier.

Aan mijn been plakken, dat heeft Emil nooit echt gedaan. Emil is een wegloper. Als peuter al was hij een wervelwind van zodra hij op de grond werd gezet. Weglopen deed hij sowieso, je wist alleen nooit in welke richting. Dicht bij mama en papa blijven was niet zijn prioriteit. Ondertussen is hij groot genoeg om hem alleen naar de speeltuin te sturen als we eens op restaurant gaan en is dat weglopen al geminderd, al zit het er nog steeds in. Op een onbewaakt moment kan het gebeuren dat je hem opeens de andere kant ziet uitrennen en hij zonder omkijken in een massa verdwijnt. Hem meenemen naar een kleding- of schoenenwinkel ontaardt sowieso in een kleuterjacht en geruzie en dient absoluut zoveel mogelijk vermeden te worden.

Het is dus even wennen aan zijn kalme zus, die we kunnen laten rondwandelen wanneer wij rustig een terrasje doen, want ze gaat nooit ver weg. Wat een verademing om niet meer alleen aan een tafeltje te moeten zitten terwijl manlief de achtervolging inzet op onze zoon. En wie weet leren ze nog van elkaar dat een beetje avontuur best leuk is, als je dat in de buurt van mama en papa beleeft.

Het Mastenbos in Kapellen

      2 Reacties op Het Mastenbos in Kapellen

Wandelen in het bos is het hele jaar door een prima idee als activiteit, maar in de herfst heeft een boswandeling toch net dat tikkeltje meer. De herfst is mijn favoriete seizoen, dus ik leef dan helemaal op. Terug mijn laarsjes kunnen dragen, geen blote benen meer, de geur van de verwarming die terug opspringt, het verkleuren van de bomen, pompoenen en dekentjes in de zetel. Heerlijk! Ja, ik ben een herfstmeisje.

Afgelopen weekend hadden we met vrienden (ook al zo’n herfstmensen) afgesproken om te gaan wandelen in het Mastenbos in Kapellen. Onze kleine jongens moesten nodig gelucht worden.

Speciaal aan het Mastenbos is dat het bezaaid ligt met bunkers en loopgraven. Die dateren nog uit de Eerste Wereldoorlog, toen het Duitse leger hier een (nooit gebruikte) verdedigingslinie optrok tegen onze neutrale vrienden uit Nederland. In het Mastenbos zijn twee uitgestippelde wandelingen die je kan volgen (eentje van 3,3 km en eentje van 5,5 km). De liefhebber kan ook nog kiezen voor het Loopgravenpad, dat je langsheen alle bunkers leidt (met infoborden en al).

Wij kozen voor de korte wandeling van 3,3 km, want wij voorzagen al dat onze jongens sowieso het dubbele zouden afleggen door al eens vooruit te lopen en dan weer terug of door opeens het bos in de duiken tegen hoge snelheid.

Toen we aan de wandeling begonnen verzuchtten we tegen elkaar hoe fijn het wel niet was, zo in de herfst in het bos, en dat het zo leuk is om dan op paddestoelenjacht te gaan. Maar zo jammer dat je zo zelden die prachtige vliegenzwam tegenkwam. Ja, dat zie je echt niet zo vaak hoor.
Bleek dat het Mastenbos dus vol staat met vliegenzwammen. Telkens we er eentje zagen riepen we in koor “Daar is er nog eentje!” en ook “Niet aankomen jongens!”, want “gevaarlijk” en “straks is die kabouter heel droevig als zijn huisje kapot is.”

Onze jongens waren in ieder geval genoeg gekalmeerd en uitgerend om ze daarna nog mee op restaurant te nemen. Missie geslaagd.